Soms maak ik werken die ‘kloppen’, en soms staat het me enorm tegen wat ik maak. Wat is dat toch? Hoe kan het dat het ene schilderij authentiek en helemaal als mezelf voelt, en ik bij het andere het gevoel krijg dat het wringt?
Vroeger had ik er veel last van dat schilderijen niet helemaal lekker ‘voelden’. Ze waren best kundig gemaakt, imponerend om te zien en sloegen goed aan bij het publiek. En toch knaagde er iets. Het duurde lang voor ik dat gevoel kon duiden. Er is namelijk een verschil tussen de werken die je maakt vanuit je eigen kwetsbaarheid en die je maakt vanuit zekerheid.
Het is fijn om van buitenaf waardering te krijgen voor je werk. Het voelt fantastisch als mensen je werk zo mooi vinden dat ze het kopen. Dat is het mooiste compliment dat je kunt krijgen als kunstenaar. En het is dan ook verleidelijk om behaalde successen te herhalen en op die succesvolle koers door te gaan. Om schilderijen te maken vanuit de zekerheid dat je dit kunt, dat je weet hoe het moet en dat je misschien zelfs weet dat je publiek het zal waarderen. Daar is op zich niets mis mee. Maar werkelijk authentiek, laat staan uitdagend, voelt het voor mij ook niet.
Soms moet je op avontuur gaan. Iets aangaan wat je nog niet kent. Je op onbekend terrein begeven. Dat maakt kwetsbaar, zeker, maar het maakt je werk ook waardevol. Als jij jezelf een hoger doel stelt en je daar alles in stopt wat je weet en kunt, dan hangt er iets vanaf. Je streeft iets na. You’re going out on a limb, zoals de Engelsen zo treffend zeggen. En daarin vind je connectie met jezelf.
Kunst maken vanuit die nieuwsgierigheid en vanuit die relatie met jouw eigen zelf, voelt heel anders dan kunst maken voor het publiek. Als je als kunstenaar je al te bewust bent van de mening van anderen, en je waarde daar vanaf laat hangen, ben je voortdurend bezig met ergens naartoe te werken. De waardering plaats je buiten jezelf. Dat geeft druk en een vorm van nastreven. Ik zie het terug in mijn schilderijen als ik mezelf wat beter voor wil doen dan ik ben. Als ik stiekem al met die ander bezig ben tijdens het schilderen. Dat zijn niet mijn beste schilderijen.
Juist de werken waarin ik vol overgave iets nieuws probeer, blijken ook het meest te resoneren bij anderen. Als ik werk vanuit het niet-weten, gewoon mijn best maar doe en open sta voor wat dit schilderij me gaat brengen, ontstaan de mooiste dingen. En die werken geven mij ook het meeste plezier. Ik streef er naar enkel nog vanuit die ‘spark of joy’ te werken. Dat maakt het schilderen heus niet makkelijker of het proces altijd gemoedelijk. Ik kan nog steeds gefrustreerd raken van een schilderij dat niet goed lijkt te komen. Ik kan nog steeds twijfelen aan mijn eigen kunde. Maar ik twijfel nooit meer aan de plek waar het vandaan komt.
Over de auteur